Misschien leest u het woord Textielkunde voor het eerst…, maar de betekenis van het woord spreekt vanzelf.
Textielkunde staat niet als basisvak op het schoolrooster, maar we kennen ambachten, technieken, materialen en historische feiten rond textiel.
– Mensen hebben textiel nodig hebben om te kunnen (over)leven. Vanaf de prehistorie speelt onze kleding, onze behuizing, tenten een sleutelrol.
– Het máken van die kleding, het verwerven van de grondstoffen ervoor vormden onze karakters (geduld :-), ons ruimtelijk inzicht, onze techniek, onze fijne motoriek.
– Onze voorouders faciliteerden met hun textielkunde onze manier van leven: degene die bedenkt hoe je een kajak kan maken met bescheiden middelen als takken, leer en touw, verschaft zich de middelen om een ander land over zee te bereiken. Daarna waren het de zeilen op de schepen die verdere reizen mogelijk maakten. Die zeilen werden eerst geweven.
Daarnaast bleef textiel uitermate belangrijk bijvoorbeeld omdat stoffen als zijde en katoen dermate gewilde hebbedingen waren.
Het maakproces was zo onmenselijk intensief dat het waarschijnlijk vaak slechts via onderdrukkende arbeidsomstandigheden, zoals slavernij, tot stand kon komen. Door het schrijven over textiel leerde ik: slavernij is er altijd geweest en bestaat nog.
– Het ambacht om draad te maken en de vaardigheden om te weven vormden een inspiratiebron voor technische ontwikkelingen. Zelfs de digitale wereld en de geniaal bedachte weefmachine zijn qua technologische ontwikkeling nauw verbonden.
PERSOONLIJKE MOTIVATIE:
Dat dit onderwerp me nu al jaren fascineert, had een eenvoudige aanleiding.
Ik vroeg mij af: waar bleef het ambacht van kleding maken dat zoveel huismoeders uit de jaren vijftig beheersten?
In één generatie ontstond een compleet nieuwe cultuur….had ik de literatuur, de krantenartikelen daarover gemist?
Ik leerde: krantenartikelen gaan nu eenmaal niet over alledaagse onderwerpen die als vanzelf ‘gewoon’ goed verlopen. In de krant wordt beschreven wat spectaculair plotseling niet goed verloopt: dan is het nieuws.
Hoewel ik niet niet onhandig ben met naald en draad bleek ik vrijwel onwetend over textiel. Ook voor mij is het vanzelfsprekend om ’s morgens een kledingstuk uit de kast te pakken.
Ook mijn moeder en mijn oma’s hoefden hun lappen stof niet zelf te weven.
Het garen voor de te breien truien kochten zij ook al kant-en-klaar.
Als oneerbiedige puber in de jaren zestig zag ik hen als representanten van het jaar nul.
Nu zie ik: ook zij leefden al in de moderne textieltijd.
Ze hoefden geen vlas te verbouwen, geen schaapjes te hoeden.
Zij kóchten de grondstoffen voor hun ambachtelijke producten al.
Dat neemt niet weg: er is sedert de zestiger jaren veel individuele textiele ambachtelijkheid verdwenen.
Mijn ontzag voor onze voorouders, het zullen vaak voormoeders zijn geweest, die duizenden jaren wél eerst zelfs de grondstoffen voor het maken van kleding op ambachtelijke wijze dienden te maken, nam toe met ieder nieuw textielfeit.
Als zij dat garen niet hadden gesponnen, de lappen stof niet hadden geweven, waren wij er niet geweest. Wij mensen kunnen niet overleven zonder textiel.
Textiel werd al gemaakt voordat wij mensen konden lezen of schrijven.
Veel van de kennis op deze site is ambachtelijke kennis: het linnen in het oude Egypte kwam op dezelfde manier tot stand als duizenden jaren eerder of later.
Op deze site beschrijf ik de processen rond dat ambacht en ook welke economische en sociale werelden daar onlosmakelijk mee verbonden waren en zijn.
Er is veel veranderd in die duizenden jaren, maar ook veel is hetzelfde gebleven.
Als ik dat benoem, krijgen we een beeld, een idee van hoe onze voorouders leefden.
Ik probeer woorden te vinden, te begrijpen hoe het kwam dat die kennis, die textiele vaardigheden vrijwel zijn verdwenen.
Kennis over textiel is belangrijk.
We begrijpen het belang van een object pas als we er woorden aan geven.
Een kind dat zomaar speelt met blokjes, ze op elkaar stapelt zal leren van de ouders, opvoeders: ha, een torentje van drie, vier, vijf blokjes.
Kijk nu haal je er een vanaf, nu heb je er nog twee, drie, vier over.
Zo leert ieder kind eerst tellen, daarna leert het wat meer of minder is, zo leert het rekenen en later wiskunde.
Voor het zelf maken van weefsels en stoffen verdwijnen de woorden langzaam maar zeker uit onze cultuur.
En als er geen woorden meer bestaan voor iets, dan verdwijnt de betekenis. Zonder woorden kunnen we niet meer nadenken.
Dan worden we een prooi voor mensen die wél kunnen rekenen: die weten hoe ze veel geld kunnen verdienen aan bewust-loze mensen, die het gevoel werd aangepraat dat ze niet helemaal voldoen en daarom toch nog dat ogenschijnlijk leuke blousje bestellen.
Deze site wil de woorden. de kennis, de ambachtelijke stappen in het maakproces, die allen een vakgebied zijn en waren, rond textiel niet verloren laten gaan.
Zodat onze onnadenkendheid over textiel kan veranderen in bewust omgaan met textiel.
Textielkunst en textielkunde
De woorden kunst en kunde waren lang synoniem. Dat zien we terug in woorden als geneeskunst en geneeskunde. Wiskunde heette wiskunst.
De textielkunde, het maken van stoffen, de materialen en de technieken om die stoffen of garens mooier, sterker of sprekend te maken, staan in rechtsstreeks verband met textielkunst.
In de hoofdstukken op deze site stel ik het werk van hedendaagse textielkunstenaars in verband met de kennis over materiaal en technieken uit het verleden.
Laatst bewerkt: 8 maart 2026
Andere bronnen:
– Fabriekofiel. Een onvolprezen site over industrieel erfgoed. Er is een hoofdstuk over Textielfabrieken: waar stonden die en in welke tijd en omstandigheden. Alle pagina’s zijn zeer informatief.
In de inleiding bij het hoofdstuk over de textielfabrieken wordt beschreven hoe begerenswaardig textiel was en is voor consumenten. Daardoor werd de textielindustrie een vliegwiel voor de economie, waar heel veel voor moet wijken. Link volgt.
– LOVER. Een digitaal tijdschrift met een lange geschiedenis, stammend uit de tijd van Man-Vrouw-Maatschappij. Er staat een artikel in dat gaat over handwerken. Zeer lezenswaardig. Link volgt.

